250 Nederlandse en Belgische culturele instellingen boycotten Israël
Een groep van 250 culturele instellingen in Nederland en België heeft een culturele boycot van Israël aangekondigd. De boycot is volgens de initiatiefnemers bedoeld voor organisaties die zich niet uitspreken tegen schendingen van het internationaal recht door Israël.
De boycot betekent onder meer dat organisaties en kunstenaars geen samenwerkingen aangaan met de in hun ogen betrokken Israëlische organisaties en dat ze hun werk niet tonen op podia, in musea en op filmfestivals in Israël.
Onder meer het Nederlands Film Festival, het Museum voor de Schone Kunsten Gent en de Rijksakademie van beeldende kunsten scharen zich achter de boycot. Ook een aantal prominenten in de culturele wereld, onder wie Eric Corton, Dinand Woesthoff, Nasrdin Dchar en Maryam Hassouni, steunen de oproep.
In een verklaring zeggen de ondertekenaars "niet langer aan de zijlijn te blijven staan" terwijl er "oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en een door alle gezaghebbende instituties erkende genocide op het Palestijnse volk" plaatsvinden.
Israëlische instellingen die zich tegen het beleid van de regering hebben uitgesproken, vallen niet onder de culturele boycot. "De boycot is expliciet niet gericht op individuen of hun afkomst, dus ook niet op Israëli's als zodanig, maar op de medeplichtigheid van Israëlische instellingen en bedrijven aan de mensenrechtenschendingen jegens de Palestijnen."
De initiatiefnemers roepen ook de sportsector, de academische wereld, de economische sector en de politiek op om de banden met Israël te verbreken. "Alleen samen kunnen we Israël dwingen zich te houden aan het internationaal recht."