Herman is bezig aan zijn rondje nav 50 jaar, nog een interessant interview, ditmaal uit De Standaard.
“Vroeger organiseerde je een festival zoals een Chirofuif, nu bouw je een stad”
interview Herman Schueremans
Rock Werchter is ontstaan uit de samenkomst van twee kleine muziekliefhebbers uit de streek rond Leuven. Hedwig De Meyer was deejay, zette al eens een tent op om een fuif in te organiseren, en omdat die er dan toch stond, boekte hij de volgende dag wat bandjes. Herman Schueremans, een btw-ambtenaar die stukjes schreef voor een muziekblad, kwam in 1975 recenseren en had een voorstel: hij had ook een festivalletje in Herent. Ze waren allebei prille twintigers en besloten hun enthousiasme te delen op de meest aangewezen plek, het brave dorpje
Werchter.
Vijftig jaar later staan beide heren aan het hoofd van een toporganisatie van live-entertainment (Live Nation) en een podiumbouwer (Stageco) met wereldfaam. En hoeveel andere concerten en podia ze sindsdien ook opzetten, en hoeveel kritiek er ook kwam,
Rock Werchter blijft na 50 jaar een klassieker in de steeds drukkere Europese kalender. Het is een welgemeende proficiat waard, en enkele vragen aan Herman Schueremans, die na 14 jaar stilte weer enkele interviews geeft,.
In 1975 draaiden de weinige festivals vooral op folk en jazz. Jullie pakten, zeker na een paar jaar proberen, uit met nieuwe, jonge rockbands. Was dat de grote motor?
“Dat was de muziek die wij goed vonden, omdat ze uit het hart kwam. We hielden van Kevin Ayers, Nick Lowe, Talking Heads … Maar we wilden ook beter doen dan toen de gewoonte was. In het begin bevond de kleedkamer zich in de laadruimte van een vrachtwagen, met een doek en wat stoelen. Podia bestonden uit bierbakken of schragen met planken op. En de eerste tent in
Werchter was te klein, terwijl het buiten regende. Telkens zeg je dan: dat moet beter kunnen. Dus verhuisden we, bouwden we zelf een podium, enzovoort. Tot vandaag. Er is altijd een nieuwe uitdaging.”
U organiseerde vanaf het begin zowel concerten in het jaar als een zomerfestival. Lang voor u dat voor Live Nation deed.
“We wilden België op de muzikale wereldkaart zetten, omdat we hier andere artiesten wilden kunnen zien dan die uit de kleinkunst. Niets tegen kleinkunst, ik ben trouwens een grote fan van Willem Vermandere, maar er was veel meer dan dat. Ik had de fantastische Woodstock-film gezien, en ik zag dat zulke muzikanten van Londen naar Amsterdam en Parijs kwamen, en naar Duitsland, en die passeerden hier zonder te stoppen. Dus heb ik een circuit opgezet in Poperinge, Deinze, Herenthout, Luik, Gent, Zedelgem, Brussel, Genk en Leuven. Ik ging zoals veel leeftijdsgenoten platen kopen in Londen, en ik belde aan bij boekers, waar bleek dat de bands die ik goed vond, zoals The Ramones en Dire Straits, geen promotor hadden. In die context is
Rock Werchter ontstaan. We boekten beschikbare, betaalbare nieuwe postpunkacts in kleine zalen en konden de beste dan op het festival plaatsen.”
Is de eis dat een band er live moet staan, tot vandaag hét kwaliteitsmerk van
Rock Werchter?
“Het is een erg belangrijk criterium. Ik ging destijds bijna elke avond naar een concert kijken. Nu doe ik dat natuurlijk minder. Ik heb daarvoor nu jonge en gepassioneerde mensen, maar ik hoor het wel allemaal.”
De geschiedenis van
Rock Werchter telt heel wat momenten waarop jullie keuzes niet begrepen werden. De eerste keer Depeche Mode (1985), die keer met Lady Gaga in 2009 ...
“Ik vond Depeche Mode meteen een fantastische band. 'Als we die niet doen, zijn we niet mee', dacht ik. Lady Gaga was ook 'not done' op een rockfestival, maar kijk waar die nu staat. Metallica creëerde ook ophef, maar het is een wereldband geworden. Intussen zijn ze acht keer bij ons geweest.”
Is Pommelien Thijs ook zo'n naam?
“Ik denk dat Pommelien Thijs met songs als 'Tegenwoordige tijd' een mooie en grote boodschap vertelt, die erg leeft en die begrepen wordt door jonge mensen. Dat vind ik heel waardevol en zinvol, zozeer zelfs dat we de affiche daarnaar wilden richten, met op zondag ook Olivia Rodrigo en Gracie Abrams. Er is een nieuwe generatie jonge, sterke, succesvolle vrouwen in de muziek. Zij scheren hoge toppen, ze zijn de helden van nu: muzikaal straf, wat rebels van aard, ze weten wat ze willen. Dat is fantastisch, ook al omdat het vrouwelijke publiekssegment met de jaren zozeer toegenomen is dat de verhouding man-vrouw nu ongeveer in evenwicht is. Daarover gesproken: we krijgen vrij veel bezoekers uit Engeland, en we hebben dat natuurlijk onderzocht, en dan blijkt dat vooral jonge vrouwen naar hier komen. Zij zeggen dat ze komen voor de line-up en het comfort, maar ook omdat ze hier een veiliger gevoel hebben dan in eigen land.”
Het betekent ook dat popmuziek welkom is op Vlaanderens bekendste rockfestival.
“Ik heb altijd van goeie melodieën gehouden. Pas op, ik zou willen dat ik zo goed kon rocken en spelen als Olivia Rodrigo. De mensen gaan schrikken hoe goed ze is. Maar inderdaad, het is een noodzaak, zelfs een morele plicht, om je festival voortdurend te herdenken. Dat betekent dat je continu vooroordelen moet wegnemen, ook bij jezelf. Het is normaal dat oudere mensen graag acts uit hun tijd willen zien, maar ik ga er toch van uit dat je naar een festival gaat om ook nieuwe dingen te leren kennen. Dat bepaalde altijd hoe we de ruimtes inrichten. In een grote, donkere tent met een u-vormige tribune komt een act tot zijn recht zoals in een zaal, en daarvoor komen publiek én artiesten graag terug.”
Rock Werchter heeft veel drempels gekend, zoals de toenemende regelgeving en de stijgende kosten van bands en materiaal. Wat was het moeilijkste?
“Geen van beide was makkelijk, dat kan ik u verzekeren. Er zijn véél meer regels nu, en die hebben een grote impact gehad op de kosten. In de media gaat het steeds over de hogere uitkoopsommen voor artiesten en de duurdere productiekosten, maar wat de overheid ons vraagt, vereist ook een enorme en dure logistiek, waaraan nogal wat festivals kapotgegaan zijn. Je kunt iets zo hard organiseren dat je het kapot organiseert. Maar er zit ook iets goeds aan. Toen ik destijds het nieuws over het Heizeldrama hoorde, heb ik meteen Hedwig De Meyer gebeld en gezegd: 'daar gaan we iets aan doen'. Dat is vaak essentieel: wacht niet op maatregelen, wees ze voor.
(denkt na ) Ik zie dat als een
rock-'n'-rollgegeven. Als iets wordt opgelegd, denken we snel, vanuit ons beetje averechts zijn: 'Waar moeien ze zich mee?' Tegelijk vinden we dat we niet moeten zeuren over de klimaatopwarming als we er niets aan doen. Dus zijn we, vanaf het eerste jaar dat dat werd voorgesteld, beginnen te recycleren, ook al was dat niet verplicht.”
Geen festival zonder duidelijke regels? Terwijl de boodschap in het begin was dat een festival een vrijhaven is.
“Kijk, om drie redenen nemen we regels in acht: ze zijn zinvol, de overheid toont dat ze wil meedenken en het staat in de basisopdracht van Live Nation. En de mensen willen graag goeie regels. Dus werken we daaraan, vaak te snel, omdat we een beetje fanatiek zijn. Niemand had ons gevraagd om een deal te maken met de NMBS en De Lijn, en we doen dat voor onszelf, maar we zijn tegelijk al 20 jaar een PR-machine voor het openbaar vervoer. Wij betalen de NMBS er een paar 100.000 euro voor, wat veel geld is, maar het geeft bezoekers een goed gevoel en ouders het idee dat hun kinderen veilig naar het festival kunnen. Wij hebben wellicht ook de grootste fietsparking van Europa, met 20.000 plaatsen, en die groeit. Ja, ik ben daar fier op.”
Een ticket is wel duur geworden, niet? In 1979 kostte een dagticket 300 frank, omgerekend 7.5 euro, wat vandaag 23 euro zou zijn. Maar dit jaar is de dagprijs 137 euro.
“Toen had je acht groepen op een eenvoudig podium, met een rudimentaire backstage en minimaal comfort op de weide. Als je de evolutie ziet van de productie tot wat één dag nu inhoudt, met 25 bands op vier toppodia, een aan- en afrijden van honderden mensen en grote toerbussen en tientonners … Dat kost geld. Laat ik het zo zeggen: vroeger organiseerde je een festival alsof het een Chirofuif was, nu bouw je een stad op voor 100.000 mensen. En dat maakt evenzeer deel uit van ons imago als de muziekaffiche. Wij willen goeie organisatoren zijn. Als het regent, gaat alles door, zoals vorig jaar. Sommigen kwamen met laarzen, maar je kon ook met witte schoenen komen. Dat mensen dat in 2016 - nog zo'n regenjaar - en vorig jaar opmerkten en apprecieerden, was in die jaren onze grootste kick.”
Intussen boomt live-muziek als nooit tevoren. Uw ceo Joe Berchtold kondigde zopas aan dat Live Nation nu al meer tickets verkocht (100 miljoen) dan in 2024. Hoe komt dat?
“Covid heeft daar veel mee te maken. Na twee magere jaren wilden de fans terug naar het oude en dingen inhalen. En festivals overal ter wereld wilden natuurlijk ook een en ander recupereren. Jammer genoeg kwamen er ook meer kapers op de kust en was er niet genoeg materiaal voor de opbouw, zodat ook daar de prijzen stegen. Dat soort dingen speelt mee, en daarom kunnen ticketprijzen nog altijd stijgen.”
Deze week lazen we over de verhuizing naar een nieuwe locatie. Dat klopt niet?
“Dat was een sensationele titel in een krant. Ik geef al jaren geen interviews meer, omdat ik de titels boven artikels niet kan nakijken. Oké, we hebben destijds in Sint-Truiden naar een nieuwe locatie gekeken, maar intussen is de locatie in
Werchter geëvolueerd qua organisatie en mogelijkheden en zijn we daar heel gelukkig. Punt. Zou ik er daar graag meer terreinen bij hebben? Als de gelegenheid zich voordoet, dan heb ik interesse.”
Intussen bent u er 71. Wat is vandaag precies uw rol?
“Mijn rol bestaat erin om de legacy zo goed mogelijk over te dragen aan een nieuwe generatie. Dat festival wordt zo goed georganiseerd dat ik op de dag van het festival eigenlijk niks te doen heb. Zo moet het ook zijn, want er dienen zich altijd dingen aan. Het is zo belangrijk om te anticiperen, zodat je niet bij plotse regenval moet improviseren, want dan is het te laat. Ik ben ook niet meer met alle details bezig. Ik hou het overzicht, ik wandel geregeld over het terrein en zie dat het goed is. En ik probeer ervoor te zorgen dat ons team fier is en de passie behoudt.”
Kan het festival nu zonder u?
“Ik denk het wel en dat is een fijn gevoel. Want wanneer ik op een bepaald moment afhaak, zou ik wel graag hebben dat die legacy blijft bestaan. We hebben in België behalve frieten, chocolade en bier ook een festivalcultuur en als de zotten die onze wereldleiders zijn, geen domme dingen doen, hoop ik dat
Rock Werchter, en anderen, er over 50 jaar nog zijn.”
Rock Werchter staat in de “Canon van Vlaanderen”.
“Ik was daar blij mee, en fier. Mag dat?”
Zeker. Maar kan het grote festival in deze kleine Vlaamse regio blijven leven?
“Ik denk dat ik mag zeggen dat we de lat erg hoog gelegd hebben, wat het elk jaar tot een challenge maakt om erover te blijven springen. Of ik zal het zo zeggen: we maken het onszelf soms behoorlijk moeilijk. Maar die drive moeten we aanhouden om te overleven, want omdat de wereld groter geworden is, is hij kleiner geworden voor ons. Veel meer artiesten dan vroeger spelen nu in stadions, en het is precies door onze kwaliteit dat topacts blijven kiezen om onze festivals te headlinen. Bovendien kunnen topartiesten niet overal zijn, nu steeds meer werelddelen vragende partij zijn - nu zelfs de Emiraten. Ik heb me er al lang bij neergelegd. Zolang België maar als een eersterangs festivalland bekend blijft. Muziek is uiteindelijk een van de voornaamste verbindende krachten in een wereld die er niet steeds even mooi uitziet.”