Ben benieuwd naar One Battle After Another en Bugonia. Moet ze beide nog zien.
Deze recent wel gezien:
-Urchin: debuutfilm van regisseur Harris Dickinson (ook hoofdacteur in Babygirl): pijnlijk maar toch mooi en origineel gefilmd portret van een dakloze en verslaafde jongere die niet van zijn zelfdestructieve pad afgeraakt. Aanrader!
-Nouvelle Vague: Klasse eerbetoon aan de Nouvelle Vague en vooral aan Jean-Luc Godard. Het verhaal draait rond het maken van diens eerste film. Geen moment verveeld.
-The Piano Accident: voor wie van de aparte humor van Quentin Dupieux houdt is het genieten. Ik heb genoten.
-It Was Just An Accident: ben fan van Jafar Panahi maar vind dit niet zijn beste film. De film won de Gouden palm in Cannes maar dat lijkt me toch ook gedeeltelijk omdat hij een tijd in de gevangenis zat door de in zijn films geuitte kritiek op het regime in Iran. Eerste film na die periode.
Die My Love weet ik eigenlijk nog steeds niet wat ik er van vind, aan de ene kant goed gemaakt, aan de andere kant te repetetief. Heb wel een intense haat aan blaffende honden er aan over gehouden
One Battle, Nouvelle Vague, It Was Just An Accident en Die My Love ook gezien (die laatste twee op LIFF).
-
One Battle After Another: geweldige film, die PTA hopelijk eindelijk zijn welverdiende awards gaat opleveren. Tegelijkertijd spannend, hilarisch en constant opwindend. Genoten.
-
Nouvelle Vague: eens met Bubba, heerlijk eerbetoon aan Godard en A Bout de Souffle in het bijzonder. En dat lekker in de slacker stijl van Linklater. Eigenlijk gewoon een hangout film met de cast en crew van die film en de Franse scene in die tijd.
-
It Was Just An Accident: ook hier eens met Bubba. Was enthousiaster over eerdere films van Panahi. Voor mij kwam deze iets te langzaam op gang met iets teveel repeterende dialogen, om je tegen het einde wel alsnog naar je strot te grijpen.
-
Die My Love: niet helemaal mijn ding. De acteerprestaties staan buiten kijf, maar het is mij iets te hysterisch allemaal.
Verder nog gezien deze maand:
A House of Dynamite (lange tijd wel intrigerend, maar wtf is dat einde),
Frankenstein (helaas op Netflix en niet in de bioscoop; net iets te lang, maar stylistisch prachtig gemaakt),
Hedda (ietwat tegenvallend, kon de vertaling van toneelstuk naar film niet helemaal succesvol maken wat mij betreft),
Ballad of a Small Player (vermakelijk als je je verwachtingen niet te hoog legt),
Eden (tja, bijzonder verhaal, maar kon me niet helemaal boeien) en
Train Dreams (prachtig geschoten, meanderende film; iets te veel Terrance Malick-wannabe en slaagt daar maar half in).
Mooiste film (ondanks de vele clichés) vond ik
The Ballad of Wallis Island. Hilarische en ontroerende kleine film over een megafan van een folk-duo die hen uitnodigt om te komen spelen op het nauwelijks bewoonde eiland waar hij woont.